top of page

StIEds meer AItdagingen


Na dat bezoek aan Dokkum (Koningsdag 27 april 2026) klinkt het wel FrIEs natuurlijk. Op weg naar die bijzondere leerstoel AI en IE – een klinkende of klinkers-leerstoel.


Mijn achtergrond is (o.a.) een juridische faculteit waar zowel een economisch perspectief als een abolitionistisch perspectief het juridisch onderwijs en onderzoek beïnvloeden. Vanwege de NEH kwam rechtseconomie (Economic Analysis of Law) erbinnen, met mijn leerboek Inleiding in de rechtseconomie en mijn proefschrift Wisselende perspectieven in de rechtseconomie (beiden samen met collega econoom Rob Teijl), en kwam er uiteindelijk ook een eerste leerstoel (Roger van den Bergh). En vanuit een ander theoretisch en maatschappelijk perspectief was er het abolitionistisch perspectief in het strafrecht (Louk Hulsman). Ik interesseerde me voor beide domeinen. Rechtseconomie kwam dichterbij. Maar het abolitionisme liep parallel mee op.


Na ruim 30 jaar intellectuele eigendom aan de academie en in veel praktijk wordt het tijd alles nog eens op een rijtje te zetten. Dat doe ik samen met mijn oud HKU-collega Joost Smiers. Ik schreef er al eerder iets over.


Joost Smiers gaf al eens aan dat we het auteursrecht kunnen missen als kiespijn. De stelling bij mijn proefschrift dat de samenleving gebaat zou zijn met een Vereniging tegen Auteursrecht leidde tot een tegenwerping van Willem Grosheide dat zulks slecht te combineren zou zijn met mijn lidmaatschap van de Vereniging voor Auteursrecht. Maar we begrepen elkaar.


Na de algemene uitdaging van digitalisering en het internet (Feer Verkade: “Het auteursrecht spoelt weg door het elektronisch vergiet”) is nu al een aantal jaren AI een uitdaging voor het hele IE-recht. Vandaar die AItdaging. Joost Smiers en ik kijken breder dan technologische ontwikkelingen die het IE-recht beïnvloeden. Wij kijken meer maatschappelijk. In termen van onwenselijk en “we gaan de verkeerde kant op”. Bij wijze van “Averechts recht” ook. Het is de kant die Laurens ten Kate aanduidt als het mensbeeld van de “rendemens”.

Intellectuele Eigendom was natuurlijk nooit “eigendom”. Het ging over een Kopij of Copy en niet over een “maker”. En over Bezit (Property). En over tijdelijkheid. En over vrijvallen bij onvoldoende toepassing of niet-gebruiken. Past allemaal niet bij “eigendom”. Dat Boek 9 BW er nooit kwam spreekt ook een boek-deel. De scheppende mens bestaat niet, want …. Er is er maar één die schept en dat is niet de mens. Zo ging dat.


Vanuit dat mensbeeld van die “rendemens” hebben businessmodellen de overhand gekregen boven de rationales van het IE-recht. Dat kan en dat mag, maar het maakt IE-recht overbodig. We kunnen volstaan met een nieuwe afdeling in Boek 6 BW: “Over misbruik en toeëigening”. Vanuit het perspectief van mij Rotterdamse oud bedrijfskunde collega Peter Kaufmann, die schreef Passing off and Misappropriation. Want dat lijkt meer en meer de kern te worden van veel antiek IE-recht.


In de sfeer van privaatrechtelijk mededingingsrecht zijn er de afgelopen zeg 10 jaar al veel nieuwe afdelingen bijgekomen. Om steeds juridische handen en voeten te geven aan mededingingsverhoudingen van marktdeelnemers. Helemaal zonder markt gaat het niet, maar wat meer afstand kan geen kwaad. Laurens ten Kate schrijft het als “Tussen markt en volk”.


Auteursrecht is helemaal nergens meer goed voor. Zie Joost Smiers meer dan 10 jaar geleden. De effectiviteit en efficiency van het octrooirecht is nooit aangetoond. Anders dan door “Eigen onderzoek eerst”, d.w.z. door onderzoek uitgevoerd door belanghebbenden, als variant op de discussies over “dubbele petten”, ook van veel IE-hoogleraren, -advocaten en -belangenverenigingen. Weet u hoeveel CBO’s er inmiddels zijn? Met als mogelijke uitzondering in het octrooirecht de ontwikkeling van geneesmiddelen. Maar ook daarvoor heeft Joost Smiers een alternatief (business) model ontwikkeld. Businessmodellen in de zorg staan sowieso maatschappelijk onder druk. We kunnen zonder octrooirecht. We kunnen zonder kwekersrecht (waar we ook toeëigening zien van zgn. “inheemse kennis”). We kunnen zonder gebruiksmodellenrecht. Sterker: dat hebben we in Nederland nooit ingevoerd, omdat ….. zeg het maar. En … hebben we nu dus in Nederland geen gebruiksmodellen? Of hebben we er net zoveel als in landen die dat bijzondere IE-recht wel hebben? Datzelfde geldt voor heel veel technologische ontwikkelingen en vernieuwingen. Alsof we geen mobiele telefoons zouden hebben gehad zonder octrooirecht. Er zitten nu 1000 octrooien op zo’n mobieltje … De vragen stellen is ze beantwoorden. Markttransparantie laat zich in het verlengde van reclameregels heel goed reguleren via het gemene recht (die nieuwe afdeling in Boek 6). IER eindigt niet voor niets op een R. Wat met R kan, kan met IE ook. Uit te werken.

Ik noem tot slot twee belangrijke toetsmomenten in het kader van de Zeitenwende voor IE: de eindeloze uitbreidingen van de beschermingsobjecten en het groeiende misbruik van IE-rechten.


Over die uitbreidingen. Die vanuit het perspectief van de “rendemens” lijken te komen. Een – in Nederland – lage drempel voor het auteursrecht. Alles is “creatief”. Iedereen is “maker”. Alles is “een portret”. Fair use en publiek domein bestaan niet. De vrijheid van meningsuiting bevecht een lastige plaats. Er mag meer niet dan wel. Bekende artiesten die hun “rechten” verkopen aan investeringsmaatschappijen voor 300 of 400 miljoen. Was het auteursrecht daarvoor bedoeld? En – in Nederland – een registratie-octrooi. Ook een vreemde toelating. Ik registreer – er wordt niet getoetst – en ik “heb eigendom”. Tot het tegendeel wordt bewezen. Een vorm van annexatie dus. Beetje omgekeerde wereld. De uitbreiding van het beschermingsobject is bij het merk ook aanzienlijk. “Wat een merk kan zijn” wordt al jaren meer en meer. Een kleur kon eerst niet, toen wel en toen afgebakend. Zucht. Geluiden en bewegingen werden toegevoegd. Beperkingen en inperkingen werden uitgehold. Laatste nieuws: beroemdheden deponeren de namen van hun kinderen als merk, om te voorkomen dat …. En in de “strijd tegen AI” wil Taylor Swift haar eigen beeltenis en geluid als merk registreren tegen AI-misbruik. Zij heeft nu twee geluidsfragmenten en een afbeelding van haarzelf aangedragen om zichzelf als merk geregistreerd te krijgen. Dat lijkt een poging om haar stem en uiterlijk te beschermen tegen AI-deepfakes en met behulp van kunstmatige intelligentie gemaakte muziek. Over de opbrengst van haar wereld-tournee moeten we het maar niet hebben. Over “rendemens” gesproken. Ook merkenrecht? Welke rationale ook alweer?


En dan het groeiende expliciete misbruik dat van IE-rechten wordt gemaakt. Door die “rendemens”. Dat gaat over blokkades en over trollen. U weet wel. In het octrooirecht bestonden ze altijd al. De zgn. “blocking patents”. Rendemensen die er octrooien op na houden niet om innovatie te bevorderen maar uitsluitend om – buiten welke eigen productie dan ook – geld mee te verdienen. Zoals rendemensen ook meerdere (of veel) huizen aanhouden. We zien nu ook steeds meer auteursrecht-trollen. Met innings-modellen en aangesloten advocaten- en deurwaarders-kantoren. Allemaal na te lezen in het nieuwe boek van Martine Bakx (zie Bronnen).


Het is overduidelijk tijd voor Joost Smiers en mijzelf om met onze argumenten, bevindingen en visie naar buiten te komen. Dat gebeurt eind 2026 of begin 2027. Vaarwel IE. Adieu Rechthebbenden, Welkom Vrijheid en Publiek Domein.


Bronnen

 
 
 

Opmerkingen

Beoordeeld met 0 uit 5 sterren.
Nog geen beoordelingen

Voeg een beoordeling toe
bottom of page