top of page

Is het Publieke Domein echt failliet?


Rudi Holzhauer en Joost Smiers


Voor Publiek Domeindag 9 januari 2026

 

Rudi Holzhauer zet zich al een tijdje in voor ons Gedeelde Erfgoed. Het gaat dan om de Arabische/islamitische invloed de afgelopen 1400 jaar op de wetenschap in het latere zgn. Westen. Hij vertaalde het boek van Ahmet Kuru over de Islam, en vertaalt nu het boek van Koert Debeuf (verschijnt dit jaar bij Boom filosofie) met als titel De Renaissance begon in Bagdad.


Die relatief nieuwe bezigheden confronteren hem steeds meer met de negatieve kanten van Intellectuele Eigendom (hierna: IE) en van de toe-eigeningen die commerciële partijen daarmee verrichten, bij wijze van business model, ten behoeve van de aandeelhouders. Oké – overdreven… Hij hield zich zo ongeveer zijn hele academische leven mee bezig met IE, zowel in theorie als in praktijk, zowel juridisch als (rechts)economisch. En nu dus meer en meer maatschappelijk en filosofisch. De kritiek op de negatieve kanten van IE neemt steeds meer toe.


Joost Smiers bepleit al jaren dat intellectuele eigendomsrechten – patenten, copyrights – afgeschaft moeten worden. Dat is zeker niet alledaags. We zijn gewend geraakt aan de privatisering van wat aan kennis en creativiteit eigenlijk van ons gezamenlijk is. Op zijn website (zie de bronnen aan het eind van het artikel) presenteert hij een opeenstapeling van argumenten waarom die gewenning geen goede zaak is.


Het Publiek Domein treedt daarbij nu steeds meer naar voren. En IE daarbij overwegend in negatieve zin en als reactie. Het Publiek Domein wordt kleiner en kleiner gemaakt door meer en meer IE toe-eigening. Waar die IE nooit voor bedoeld is geweest. Dat zet aan tot her-denken van IE rationales en tot een meer maatschappelijk filosofische bezinning. Rudi Holzhauer sprak al eens van een Zeitenwende, ook voor IE (zie de bronnen aan het eind van het artikel).

 

Iconen, soort-aanduidingen, en  traditionele kennis en erfgoed

In het merkenrecht komt er een moment dat een merk vervalt wanneer het een soort-aanduiding wordt. Een Solex. En zo nog honderden voorbeelden. Al te bekend en je belandt in het publiek domein, en je bent je IE-recht kwijt.


Laten wij het woord “icoon” gebruiken. Dat heeft geen juridische lading. Iconen zijn bijvoorbeeld de Eiffeltoren, Brigit Bardot, de Provo-beweging, Suske en Wiske en Nijntje. U begrijpt – wij beperken ons.


Als iets een icoon is of is geworden zou dat moeten doorwerken in het IE-recht, in die zin dat er geen IE-recht (meer) op kan bestaan. Het is dan een soort aanduiding geworden, net zoals een woord in de Grote Van Dale (ook een icoon). Dat is natuurlijk een vergaande beperking van alle IE-recht.


We laten drie beelden zien. Een zgn. “Kenmerkende lichaamshouding”, de Kubus van Rubik en Nijntje. Allemaal iconen – soort-aanduidingen. Waarbij de gevechten met IE-toe-eigenaars tot relevante IE-criteria en IE-toetsingen leidden.


Kenmerkende lichaamshouding IE? Of Publiek Domein?

 


 

  De Kubus van Rubik IE? Of Publiek Domein?


 

Nijntje IE? Of Publiek Domein?

 

 

Als iets tot traditionele kennis of erfgoed behoort geldt hetzelfde. Zulke kennis en Erfgoed moeten en mogen niet toegeëigend kunnen worden. Toch kent het IE-recht geen beperkingen voor traditionele kennis en voor erfgoed. Dat betekent dat zulke kennis en allerlei alledaagse erfgoed-onderdelen richting IE-toe-eigening gaan. Dat erfgoed en die kennis staan vaak niet op schrift. Wat het altijd iets lastiger maakt. Maar alle IE-toe-eigening blijft onwenselijk en onmaatschappelijk. En daar komt meer en meer oog voor. Laten we iets concreter worden.


Toe-eigening van Erfgoed: eerste voorbeeld vanuit een commercieel IE-businessmodel

Kent u haar nog? Koningin Wilhelmina? De historische vereniging Ypenburg weet zich behoorlijk overvallen door een incassobureau dat namens het ANP geld wil zien voor een foto van koningin Wilhelmina die een vliegtuigtrap afloopt na aankomst op vliegveld Ypenburg. Wij aarzelen om die foto in dit artikel op te nemen. Met kennis van het auteursrecht zouden wij ons op het citaatrecht beroepen, maar voor een afbeelding waar auteursrecht op rust blijft dat een te beargumenteren zaak.


Je vraagt je dan weer af of het auteursrecht hiervoor bedoeld is. De fotograaf is allang overleden. Maar mogelijk nog geen 70 jaar dood. Wie weet het? Veel auteursrecht wordt in het wilde weg geclaimd. Altijd eerst maar eens navraag doen. Al is dat soms best lastig. Hoewel auteursrecht zgn. vormloos ontstaat (door het maken van het werk) zien we in de praktijk keer op keer onduidelijkheid en onzekerheid over het bestaan dan wel de rechthebbende ervan.


Een foto als deze – koningin Wilhelmina keert terug naar Nederland na de Tweede Wereldoorlog – is natuurlijk gewoon erfgoed en publiek domein. Geen toe-eigening.


Toe-eigening van Erfgoed: tweede voorbeeld vanuit een commercieel IE-businessmodel

De Oegstgeester dakpan is een soort platte dakpan die nog nauwelijks gebruikt wordt. De dakpan is vernoemd naar de plaats waar die gebakken werd: het Zuid-Hollandse Oegstgeest, hoewel de pan voor het eerst rond 1840 in het Verenigd Koninkrijk gemaakt werd. De pannen werden met name blauwgesmoord geleverd en zijn vrij zeldzaam in gebruik. De vorm is afgeleid van de Biberschwanz (beverstaart) waarbij de groeven in die dakpannen het water naar beneden geleiden. Bij de Oegstgeester dakpannen dienen deze groeven ook om de dakpannen in elkaar te laten grijpen. De vorm lijkt op een vissenschub en de bedekking vormt een schubbendak. De dakpannen werden oorspronkelijk bij twee fabrieken gebakken: 'Josson' pannenbakkerij, officieel De Nijverheid, en de 'Van Sillevoldt' bakkerij (bron: Wikipedia).


Het leek zo'n leuk idee: een behangprint op het gemeentehuis met daarin verwerkt de specifieke vorm van de Oegstgeester dakpan. De behangers gingen vervolgens aan het werk, maar moesten al snel weer terug om het zojuist geplakte behang weer volledig af te plakken. Wat is er aan de hand? De ambachtelijke meubelmaker Eric Groenendijk uit Oegstgeest sleept de gemeente voor de kantonrechter, schrijft het lokale nieuwsplatform Sleutelstad. Hij doet dat omdat de gemeente zonder toestemming een foto van één van zijn werken voor het fotobehang in het gemeentehuis heeft gebruikt. Hij eist een schadevergoeding en wil dat de gemeente het fotobehang verwijdert.


Groenendijk heeft eerder houten onderzetters in de vorm van een Oegstgeester dakpan gemaakt. Een foto die hij van een van deze onderzetters maakte, is nu gebruikt op het fotobehang in de Dakpanzaal van het gemeentehuis.


Toe-eigening van Erfgoed: derde voorbeeld vanuit een commercieel IE-businessmodel

Kent u de Provo-beweging nog? Onderstaande passage is van Joost Smiers.


Het is het jaar 1666. Op de Prinsengracht in Amsterdam, tussen wat later de Leidsestraat en de Leidsegracht werden, wordt het Aalmoezeniersweeshuis geopend, voor de armste en meest kwetsbare kinderen van de stad. Dat zou bestaan tot 1828, werd vervolgens verbouwd tot Paleis van Justitie. Het gebouw werd voorzien van een lange, wat sombere, klassieke voorgevel en het werd geopend in 1836. In 2013 vertrekt Justitie naar het Westelijk Havengebied en verkoopt de Rijksgebouwendienst – de eigenaar – het kolossale pand aan de Prinsengracht aan de meest biedende. Dat wordt uiteindelijk de hotelketen Rosewood Hotels & Resorts Holding Limited en Chow Tai Fook Capital Limited dat in het voorjaar van 2025 z’n deuren opent. Daar betaal je voor een nacht tussen 1200 en 1600 euro, wat weer goedkoop is vergeleken bij het iets verderop aan de Herengracht gelegen Waldorf Astoria Hotel, maar daar staat tegenover dat vergelijkbare hotels in plaatsen als Las Vegas, Dubai enzovoorts wel 100.000 dollar rekenen voor een overnachting.


Toen Rosewood aan de Prinsengracht in het voorjaar van 2025 openging sprak Joost Smiers in een stukje in Het Parool de hoop uit dat het, met zulke kamerprijzen, snel failliet zou gaan. Daar is toch geen clientèle voor, dacht hij in zijn naïviteit. Natuurlijk wel: er zijn rijken, superrijken en super-superrijken in overvloed voor wie een kamer van 1600 euro een schijntje is. Een half jaar na opening besloot Hiske Versprille, culinair recensent van de Volkskrant, zich op eigen kosten in te schepen in Rosewood. Het werd een kamer van 1200 euro. In de krant van 27 december 2025 bericht ze uitvoerig over dit avontuur. De kop van het artikel luidt: "Lege Luxe". Aan de hand van haar artikel ontwaart Joost in dit Rosewood drie vormen van private toe-eigening van wat eigenlijk publiek domein is.


De eerste private toe-eigening betreft het gebouw zelf. Van de 17e tot dik in de 21e eeuw waren er publieke instellingen in gevestigd: weeshuis en vervolgens gerechtsgebouw. Om er een peperduur hotel van te maken ging veel Amsterdammers te ver. In de binnenstad is er schreeuwende behoefte aan appartementen voor senioren. Als die gerealiseerd zouden worden komen er woningen vrij voor jongeren. De protesten mochten niet baten, de Rijksgebouwendienst ging voor het geld. Hierdoor werd een groot gebouw, dat wederom een urgente publieke functie zou kunnen vervullen, uit het publieke domein geheveld en tot privaat bezit gemaakt, waar de stad en ons land eigenlijk weinig aan heeft, sociaal niet, economisch evenmin. Het is niet waarschijnlijk dat de hotelketen van Rosewood in Nederland belasting betaalt. Volgens het Handelsregister van de Kamer van Koophandel is Rosewood Hotels & Resorts Holding Limited en Chow Tai Fook Capital Limited statutair gevestigd op de Britse Maagdeneilanden. Die eilanden staan op nummer 11 van de Corporate Tax Haven Index, niet best dus.


De tweede private toe-eigening van publieke zaken raakt aan de sfeer die het hotel wil uitstralen. Rosewood, zo zegt het, hanteert wereldwijd een"Sense of Place"-filosofie. De hotels moeten geworteld zijn in de plaats waar ze staan. Het hotel wil Nederlandse voortreffelijkheid vieren, door het herinterpreteren van een symbolische baken die de Amsterdamse grenzeloze creatieve geest echoot. Bent u er nog? De “kernbelofte” van de hotelketen is dat de hotels op een authentieke manier geworteld moeten zijn op de plek waar ze staan, bijvoorbeeld door het unieke karakter en verhaal van de plaats te omarmen. Daar vallen stroopwafels onder en beschuit met muisjes.


Hiske Versprille citeert Nanda Geuzebroek. Haar boek "Vondelingen" is een weerslag van haar onderzoek naar de geschiedenis van het pand. Ze is nogal nijdig hoe Rosewood met de erfenis van het weeshuis omgaat: “Ze pronken in alle uitingen met het feit dat het een 17eeeuws pand is, maar vermelden voortdurend alleen het 19eeeuwse Paleis van Justitie. De diepe armoede en ongelijkheid waaruit het weeshuis is ontstaan, staat natuurlijk in schril contrast met de luxe die er nu in het gebouw is, maar als je daar niks van wil weten, doe dan niet alsof de geschiedenis je aan het hart gaat.” Overigens, voor de opening van het hotel is een spiritueel schoonmaker een week bezig geweest om het pand te ontdoen van negatieve energieën uit het verleden.


Het selectief winkelen in de geschiedenis brengt ons op de derde private toe-eigening van wat publiek was. Het concern heeft, zo blijkt, z’n "Sense of Place"-filosofie gepatenteerd, alsof je het denken over waarden, cultuur, een manier van leven en ernaar handelen in intellectueel eigendom kan nemen. Bonter maakt Rosewood het als blijkt dat niet alleen de jenever die geschonken wordt Provo heet, met op de flesjes gekriebeld: "Verbeter de wereld, begin bij jezelf". "De straat is van ons". "Maak liefde, geen oorlog". Het blijkt ook dat Rosewood in september 2024 de naam Provo als individueel merk heeft ingeschreven in het Benelux-merkenregister BOIP. Hiske Versprille: “Rosewood laat desgevraagd weten dat het in 2025, dus na de registratie, wel contact heeft gehad met een lid van de Provo-beweging, maar wil verder uit privacy-overwegingen geen details kwijt over wie dat was, of over de aard van het contact.”


Roel van Duijn, een van de oprichters van Provo, is woedend. “Dat is gewoon diefstal, misbruik, toe-eigening van het meest cynische soort. Provo was anarchistisch en antikapitalistisch, we waren juist tegen ongelijkheid, we wilden de stad beschermen tegen de verslaafde consument van morgen. Eigenlijk verzetten we ons precies tegen alles waar zo’n hotel voor staat. Natúúrlijk hebben we die naam destijds zelf niet gedeponeerd, we geloofden niet in copyright of privé-eigendom, dat was het hele punt. Provo is immers van iedereen. Dat juist deze mensen deze naam Provo nu op deze manier, en op die plek, te gelde willen maken – het lijkt wel satire.” Een bijkomstigheid: Roel van Duijn heeft in z’n actieve Provo-tijd nog gevangen gezeten in het Paleis van Justitie, wat nu Rosewood is. Was het maar satire, zoals van Duijn het noemt. Het is erger. De gedachte achter zo’n merkenregistratie is deze: alles wat ooit niet in eigendom is genomen door iemand of door een bedrijf, daarover kan je vrijelijk beschikken en het tot het jouwe verklaren, en er een hek omheen zetten door er officieel copyright, patent of merk op te laten plakken. Dus, de "enclosure of the commons". De kwestie van brutale toe-eigening speelde in de jaren negentig van de vorige eeuw specifiek een rol toen duidelijk werd dat Westerse bedrijven waardevolle kennis van traditionele gemeenschappen in het Globale Zuiden zich op massale schaal toe-eigenden, en er intellectueel eigendom op namen. Het stond hen vrij dat te doen, zo was de gedachte, want niemand bezat er geregistreerd eigendom van. Met de traditionele gemeenschappen die het nakijken hadden. We noemden eerder al die traditionele kennis samen met erfgoed.


Dat leek niet eerlijk. Daarom werd er in die tijd een wanhopige poging gedaan, binnen de World Intellectual Property Organization, om te kijken of het mogelijk zou zijn om een soort van apart intellectueel eigendom te creëren voor kennis die traditionele gemeenschappen al generaties lang bezitten en gebruiken. Dat project was van meet af aan gedoemd te mislukken, om een aantal redenen; wij noemen er een paar. Hoe lang een Westerse intellectueel eigendomsrecht ook geldig is, op een gegeven moment vervalt het en tuimelt de kennis in het publieke domein. Dat is het tegenovergestelde van wat traditionele gemeenschappen als waarde koesteren: hun kennis is voor altijd bij en van hen. Die valt niet op een gegeven moment te verhandelen. Bovendien, wie zou namens de gemeenschap hun traditionele kennis op de markt kunnen en mogen brengen en verkopen aan wie er intellectueel eigendomsrecht op wil vestigen? Vanuit de traditie is niemand daartoe gerechtigd. Al heel snel stierf de poging een apart intellectueel eigendomsrecht te scheppen voor traditionele kennis een zachte dood. Al blijft er vanuit die toe-eigeningsgedachte, ook in de EU, nagedacht worden over zoiets als geografische aanduidingen voor traditionele ambachten e.d. Dat is dan geen IE maar schept wel exclusiviteiten. Wij spreken ons daar niet zonder meer tegen uit. Wij zijn ons zeker bewust van wenselijkheden van transparantie, eerlijkheid en duidelijkheid. Maar niet via IE.


Vandaar dat het Benelux merkenbureau BOIP aan Rosewood in 2024 onbeschaamd het recht kon geven een merk te vestigen op de naam Provo. Respect voor de geschiedenis is bij de hotelketen niet in goede handen. "Lege Luxe" noemde Hiske Versprille haar indrukwekkende beschrijving van Rosewood. Het blijkt meer te zijn dan dat. Op grote schaal is, wat materieel en cultureel publiek bezit was, te grabbel gegooid en heeft een hotelketen voor de rijken van deze aarde zich ons materieel en cultureel erfgoed privaat toegeëigend (zie: https://www.volkskrant.nl/kijkverder/v/2025/hotel-rosewood-amsterdam-reportage-hiske-versprille~v2346903).


En nu is het Publieke Domein dus failliet – hoe gek kun je het maken?

Het faillissement van Publiek Domein B.V. is aangevraagd door vier werknemers, alsmede een voormalige werkneemster. Uit het verzoekschrift tot faillietverklaring blijkt dat de (voormalige) werknemers nog het salaris over juni 2018 en/of het vakantiegeld tegoed hadden. Ondanks meerdere verzoeken en sommaties daartoe heeft Publiek Domein B.V. geweigerd om het achterstallige salaris en het vakantiegeld te voldoen. Het verzoekschrift tot faillietverklaring is op 7 augustus 2018 behandeld in de raadkamer van de rechtbank Midden-Nederland, locatie Utrecht. De middellijk bestuurder van Publiek Domein B.V. is tijdens deze zitting verschenen. In haar vonnis van 7 augustus 2018 heeft de rechtbank uiteindelijk het faillissement van Publiek Domein B.V. uitgesproken (zie: https://www.sturkenboom-advocaten.nl/wp-content/uploads/2018/08/Publiek-Domein-B.V.-verslag-1.pdf).

 

Er bestond ook een commerciële onderneming met als handelsnaam en domeinnaam "Het Publieke Domein". En ook die is failliet verklaard. Op 5 november 2025 is Het Publieke Domein B.V. te Zeist (Utrecht) door de rechtbank in Midden-Nederland failliet verklaard. Als curator is aangesteld mr A.P.G. Gielen. Het insolventienummer van deze zaak is F.16/25/526. De (hoofd)activiteit van Het Publieke Domein B.V. is holdings (geen financiële), concerndiensten binnen eigen concern en managementadvisering. Er zijn 2 verslagen beschikbaar (zie: https://www.faillissementsdossier.nl/nl/faillissement/1899567/het-publieke-domein-b-v.aspx).


Te gek voor woorden dat dit allemaal kan natuurlijk. Maar wie houdt het tegen? Wie waakt er over ons publiek domein? Best lastig weer. Het auteursrecht van overleden personen zou ons erfgoed natuurlijk nooit mogen blokkeren. Daar is het niet voor. Het merkenregister zou deze soort aanduidingen/tekens natuurlijk nooit moeten inschrijven. Het handelsregister zou zo’n handelsnaam natuurlijk niet moeten inschrijven. Maar als er geen regels en geen protocollen voor zijn? Hoezo: “algemeen belang”. Daar zijn we niet voor. Wij zijn er om toe-eigening door commerciële partijen bij wijze van businessmodel mogelijk te maken. Tegen een inschrijf-vergoeding. Want anders …


Publiek Domein Verklaring 2e versie 2025

De Publiek Domein Verklaring (Public Domain Charter) is in 2010 ontwikkeld door het Europeana Initiative. In 2025 kwam er een 2e versie, afgestemd op een aantal nieuwe en recente (mede digitale) ontwikkelingen.


Het doel van deze Verklaring is om een duidelijk signaal af te geven aan instellingen voor cultureel erfgoed, beleidsmakers en het publiek dat het Europeana-initiatief gelooft in het concept van het publiek domein in de digitale wereld en dit concept wil versterken. Het weerspiegelt ook de sterke betrokkenheid van het Europeana-initiatief bij dit doel, dat centraal staat in zijn missie. Om dit te bereiken is er een gedegen en actueel begrip nodig van de aard van dit wezenlijke bronmateriaal.


Deze Verklaring is een beleidsverklaring, geen contract. Het is niet bindend voor de contentleveranciers van Europeana en de gemeenschappelijke Europese gegevensruimte voor cultureel erfgoed. Het Europeana-initiatief publiceert deze Verklaring om de discussies tussen Europese geheugenorganisaties, beleidsmakers en financiers over de voorwaarden waaronder materiaal uit het publiek domein beschikbaar wordt gesteld, vorm te geven.

Deze Publiek Domein Verklaring zal bijdragen aan meer consistentie ten behoeve van gebruikers van materiaal uit het publiek domein. Hoewel materiaal uit het publiek domein het afgelopen decennium op grotere schaal is gedeeld via digitale reproducties, zijn er nog steeds ingewikkelde belemmeringen voor burgers die legitieme toegang tot en gebruik van erfgoed uit het publiek domein wensen.


Auteursrecht en erfgoed – de onderschikking aan IE. Óf Publiek Domein als het pad naar de drinkplaats?

Zo loopt de archiefsector, en de brede erfgoedsector, al jaren aan tegen de barrières van het digitaal beschikbaar stellen van bestaande collecties. De wet geeft toestemming om te digitaliseren, om een preserveringskopie te maken, en om de collectie op daarvoor bedoelde terminals beschikbaar te stellen binnen de gebouwen van de erfgoedinstellingen. Maar in de maatschappelijke behoefte tot het breed online beschikbaar stellen van erfgoed wordt nog niet voorzien.


Er is via wetgeving geprobeerd om de balans te hervinden. Bijvoorbeeld via de Verweesde Werken Richtlijn (VWR) uit 2012. Dit maakt het mogelijk om materiaal online te plaatsen waarvan de rechthebbende niet meer te achterhalen is, zonder dat toestemming nodig is. Op papier lijkt dit mooi, maar het venijn zit hem in de details. De VWR zit zo vol met administratieve handelingen dat maar enkele erfgoedorganisaties het voor elkaar hebben gekregen om objecten als verweesd aan te duiden (ongeveer 6000 werken in tien jaar tijd).

Sinds juni 2021 hebben we een nieuwe mogelijkheid om objecten die niet langer in de handel zijn (Out-Of-Commerce of OOC), beschikbaar te stellen zonder dat daar toestemming voor nodig is. Verweesde werken zijn een subset van deze OOC-werken. De wetgever heeft geleerd van de VWR: er zijn in de nieuwe wet maar weinig administratieve barrières. Toch zien we na anderhalf jaar tijd nog maar weinig gebruik van deze nieuwe mogelijkheid.

Gaan we dezelfde weg in als bij de verweesde werken?


Je moet (als erfgoedinstelling) een redelijke inspanning te goeder trouw doen om te bepalen dat het materiaal niet langer via gebruikelijke handelskanalen beschikbaar wordt gesteld. Dit lijkt op de administratieve handeling van de verweesde werken, maar geeft in de praktijk waarschijnlijk minder werk.


Deze inspanning mag je op collectieniveau doen. Je kunt bijvoorbeeld de aanname doen dat alle werken waarvan jij de enige kopie hebt, niet langer in de handel zijn. Of dat alle dagboeken die nooit uitgegeven zijn, niet in de handel zijn. Ook hoef je deze inspanning niet vast te leggen. Je moet het werk wel registreren bij het EUIPO, het Europees bureau voor intellectueel eigendom. Vervolgens moet je zes maanden wachten. Rechthebbenden kunnen altijd aangeven niet mee te willen doen met de regeling (opt-out). Staat er toch een rechthebbende op, dan hoef je geen vergoeding te betalen over de periode dat je het werk beschikbaar had staan. Je maakt voor die periode dus geen inbreuk (zie:


Het is voor ons duidelijk dat het auteursrecht (ook) hier veel te ver gaat. Naast een algemene beperking voor “fair use” (de redelijkheid en billijkheid uit het contractenrecht, of de zorgvuldigheidstoets uit het onrechtmatige daadsrecht, of de algemene beginselen van behoorlijk bestuur uit het bestuursrecht) moet er natuurlijk gewoon een “algemeen belang’ uitzondering in het auteursrecht en in elk ander IE-recht worden toegepast. En Publiek Domein is algemeen belang. Binnen de IE-wereld zijn echter sterke oogkleppen aanwezig. En veel dubbele petten. We hebben het daar nog wel een keer over (zie de laatste paragraaf).


Wie nu voor het Publiek Domein wil opkomen doet dat vaak in onderschikking aan het IE-stelsel. Omdat dat er nu eenmaal is. Buigen en er het beste uithalen. Dat gebeurt nu onder andere in vormen van overleg (met afspraken) met CBO’s (Collectieve Beheer Organisaties). Daar zijn er inmiddels meer van dan zeg 10 jaar geleden. Met salarissen van leidinggevenden waar je weinig van hoort. Hoeveel CBO’s zijn er trouwens? En hoeveel geld van rechthebbenden gaat daarnaartoe? En dan zien we dat CBO’s “toestemming” geven zonder dat duidelijk is of daar een rechtsgrond voor aanwezig is. Het zijn soms erg vreemde toestanden. Nadere overwegingen waard. Beetje door Follow the Money – beetje van ons. Volgt nog.


Revolutie voor het leven

Een stapje abstracter dan nog maar. Eva von Redecker in haar nieuwste boek Revolutie voor het leven. Een filosofie van nieuwe protestbewegingen thematiseert Von Redecker onze moderne kapitalistische opvatting van eigendom. Die produceert niet alleen ongelijkheid en uitbuiting, maar bedreigt volgens haar zelfs het voortbestaan van het leven op onze planeet. Het criterium van duurzaamheid, dat ook mondjesmaat binnen IE doordringt is een rand-indicatie van dit besef. Maar Von Redecker gaat veel verder. En wij ook. “Het kapitalisme heeft innovaties voortgebracht die miljarden levens hebben gered, bijvoorbeeld op het gebied van voedselproductie en gezondheidszorg. Hebben we dergelijke innovaties niet nodig om ook de hedendaagse bedreigingen van klimaatverandering aan te pakken?

Ik vind het niet vanzelfsprekend dat kapitalisme op dit moment innovatie aanjaagt. De sector die het meest innovatief heet te zijn, de technologiesector, is dusdanig gemonopoliseerd dat er maar weinig spelers aan kunnen deelnemen. En intellectueel eigendomsrecht is een barrière geworden voor experimenten: veel patenten worden preventief geclaimd, alleen maar zodat de bedrijven die ze bezitten mensen kunnen aanklagen die ze bewust of onbewust schenden.


Of denk aan de coronavaccins, die we ten minste gedeeltelijk te danken hebben aan door de staat gefinancierd onderzoek. Wereldwijd zijn veel mensenlevens opgeofferd omdat vrijgave van de patenten bij de Wereldgezondheidsorganisatie een tijdlang geblokkeerd werd, met name door mijn eigen land Duitsland. Met andere woorden: kapitalistische innovaties zullen alleen degenen ten goede komen die ze zich kunnen veroorloven. Ik wil geen innovaties in luxegoederen, ik wil innovaties in duurzaam transport, voedselproductie, huisvesting en waardige zorg.”


Joost Smiers schreef al eerdere een aantal concrete bijdragen over de totstandkoming van farmaceutische producten. Daar is de farmaceutische industrie helemaal niet voor nodig. Integendeel. Het kan maatschappelijk allemaal een stuk voordeliger zonder BigPharma (zie de bronnen aan het eind van het artikel) https://www.filosofie.nl/eva-von-redecker-het-kapitalisme-vernietigt-het-leven).


Friends hold all things in common

Dit is de titel van een boek van Kathy Eden uit 2001. Het is in zekere zin een (historische) voorloper op het boek van Eva von Redecker. Ook buiten het huidige intellectuele eigendomsrecht geplaatst. Voor ons (ook) het betere perspectief.


Erasmus' Adagia – een uitgebreide verzameling spreekwoorden uit de Griekse en Romeinse oudheid – werd gepubliceerd in 1508 en werd een van de meest invloedrijke werken van de Renaissance. Het markeerde ook een keerpunt in de geschiedenis van het westerse denken over literair eigendom. De Adagia waren niet alleen een buitengewoon succesvol commercieel product van de nieuwe drukkerij-industrie, maar ook een schat aan intellectuele rijkdom. Ze kijken vooruit naar de ontwikkeling van het auteursrecht en terug naar een oude filosofische traditie waarin ideeën universeel gedeeld moeten worden in een geest van vriendschap.


In haar boek richt Kathy Eden zich op zowel de toewijding aan vriendschap als aan gemeenschappelijk eigendom die Erasmus deelt met zijn favoriete filosofen Pythagoras, Plato en Christus – en de vroege geschiedenis van privé-eigendom, die geleidelijk de Europese houding ten opzichte van het recht om te kopiëren verandert. Daarbij geeft ze een verklaring voor de bijzondere vorm van Erasmus' verzameling van meer dan 3000 spreuken en biedt ze inzichtelijke interpretaties van oude filosofische en religieuze denkers als Pythagoras, Plato, Aristoteles, Cicero, Iamblichus, Tertullianus, Basilius, Hiëronymus en Augustinus.


Vaarwel IE – Welkom Vrijheid en Publiek Domein

Wij werken aan een tekst met fundamentele weerleggingen van allerlei IE-ontwikkelingen en  voorbeelden van averechts IE-recht, in de beste rechtseconomische en maatschappij kritische tradities. Joost Smiers schreef al eens dat wij beter af zijn zonder auteursrecht. Dat breiden we nu uit naar het hele IE-recht. Rudi Holzhauer schreef een aantal academische teksten vanuit de rechtseconomie. Waaruit eigenlijk nooit enige efficiency dan wel effectiviteit van het IE-recht voor onze welvaart bleek. Dat boek geeft straks in Deel 1 een uitbreiding en een verdere wetenschappelijke onderbouwing van wat wij hierboven schreven. In Deel 2 schrijven wij een alternatieve Canon van IE. Met 50 averechts uitwerkende IE voorbeelden. Voorbeelden zoals ook hierboven besproken. Voorbeelden die duidelijk moeten maken dat de aangegeven, en door ons onderschreven, rationales van het IE-recht beter bereikt kunnen worden zonder IE-rechten en met alternatieve businessmodellen en alternatieve regulering. Boek 9 is er niet voor niets nooit gekomen. Creativiteit, innovatie en markttransparantie kunnen IE missen als kiespijn.


Bronnen

  • Joost Smiers en Marieke van Schijndel, Adieu auteursrecht, vaarwel culturele conglomeraten. Een essay. Boom Juridische Uitgevers, 2009

  • Joost Smiers Website met alle informatie over de averechtse effecten van auteursrecht en octrooirecht . Eigendom en macht. Met inbreng van Rudi Holzhauer. https://joostsmiers-dissenting.nl/eigendom-en-macht/

  • Rudi Holzhauer, Zeitenwende – ook voor IE. Blog op IustitiaScriptaJournaal, 2024 https://www.iustitiascripta.com/post/zeitenwende-ook-voor-ie

  • Rudi Holzhauer en Rob Teijl, De toenemende complexiteit van het intellectuele eigendomsrecht, een rechtseconomisch analyse. Gouda Quint, 1991.

  • Ruth Towse and Rudi Holzhauer, The Economics of Intellectual Property. 4 Vols. Edward Elgar, 2002.

  • Eva von Redecker, Revolutie voor het leven. Een filosofie van nieuwe protestbewegingen. ISVW uitgevers, 2025

  • Kathy Eden, Friends hold all things in common. Tradition, Intellectual Property, and the Adages of Erasmus. Yale University Press 2001

  • Rudi Holzhauer en Joost Smiers, Vaarwel IE. Adieu rechthebbenden. Welkom Vrijheid en Publiek Domein. Een alternatieve Canon van het intellectuele eigendomsrecht, uitgeverij Iustitia Scripta, eind 2026 (nog te verschijnen)


 

 
 
 

Opmerkingen

Beoordeeld met 0 uit 5 sterren.
Nog geen beoordelingen

Voeg een beoordeling toe
bottom of page